Roest

Een van de allermooiste uitgaven van De Zilverdistel, de private press van J.F. van Royen, is Cheops (1916) van J.H. Leopold. Het boek, gebonden in perkament met voorop het gouden Zilverdistel-vignet door K.P.C. de Bazel, wordt ook tegenwoordig nog gekoesterd door verzamelaars. Zelden komt er een exemplaar op de markt; de enkele exemplaren die het afgelopen decennium te koop werden aangeboden leken zonder uitzondering aan hetzelfde euvel te lijden: kleine roestvlekjes in het binnenwerk. Tot op heden werd dat wel geweten aan de leeftijd van het soort papier, maar uit een recent verschenen brievenuitgave blijkt dat Cheops tachtig jaar geleden ook al roestvlekkig was.

Ser J.L. Prop, margedrukker sinds 1980, heeft in Vijf brieven aan J.F. van Royen alle bekende brieven van de bibliofiele baron Emile van der Borch van Verwolde aan de grondlegger van de Nederlandse private press samengebracht. Vier brieven bevinden zich in de collectie van Museum Meermanno, eentje dook in 2009 op een veiling op en berust sindsdien in de verzameling van een particulier. Prop vulde de noodzakelijke noten in, schreef een verantwoording, zette de tekst met de hand uit de Dante, drukte in zwart en steenrood op ivoorwit Zerkall-Bütten en naaide de vellen zelf in een omslag; alles zeer zorgvuldig en doordacht. De brieven van de baron ademen zuivere bibliofilie, dus moeten zij ook bibliofiel worden uitgegeven, zal het idee van Prop zijn geweest.

In 1932 is Van der Borch van Verwolde rechtenstudent in Leiden, maar zijn briefpapier meldt slechts zijn adellijke afkomst, en in de eerste zin van de eerste brief aan Van Royen presenteert hij zich als ‘verzamelaar van mooie boeken en in het bijzonder van moderne typographische kunst’. Dankzij een legaat van zijn opa kan hij zich helemaal uitleven op eerste drukken in de Nederlandse en Franse letteren, die hij meestal luxueus laat binden door Elias P. van Bommel. De verzamelaar meldt de drukker in zijn eerste schrijven dat hij in het trotse bezit is van een aantal uitgaven van De Zilverdistel en van diens opvolger de Kunera Pers, maar dat pogingen om een exemplaar van Oostersch (1924) van J.H. Leopold te bemachtigen tot nog toe zijn mislukt.

Blijkens de tweede brief is Van der Borch van Verwolde een prospectus van Oostersch toegestuurd met het vriendelijke aanbod om een van ’s drukkers eigen exemplaren hors commerce over te nemen: de baron houdt beheerst de boot af, omdat hij misschien elders een regulier genummerd exemplaar kan kopen. Wel stuurt Van der Borch van Verwolde twee op zijn verzoek door Stols gedrukte uitgaven, in de hoop dat Van Royen hierover zijn licht wil laten schijnen. Dat Van Royen dit wel degelijk doet, valt af te leiden uit de derde brief (er is sprake van ‘een waardeerend oordeel’); al blijft het jammer dat Van Royens brieven niet bewaard zijn gebleven.

De vijf brieven bevatten, naast loftuitingen aan het adres van Van Royen, ook bespiegelingen op Van der Borch van Verwolde’s eigen drukwerk. Over het door John Buckland Wright met naakte vrouwenlijven verluchte boek Dolores (1933), in de brief van 21 september 1933:

De houtsneden in uitgewerkten staat zijn misschien ongelijk van gehalte: eén enkele pagina is schitterend en preferabel boven het oorspronkelijk typografisch zoowel als illustratief aspect, maar ook is in enkele gevallen de houtsnede als silhouette minder als de 1e versie, bijv. waar het noodig was de armen rakelings af te knotten.

Zo’n zin laat zien hoe Van der Borch van Verwolde over het ideale boek dacht. En, in dezelfde brief, over het sjieke papier: ‘afkomstig van een vergeten en jaren geleden geïmporteerde baal antiek japansch; de vergeering is curieus. Toevallig wist Stols deze stapel op den zolder te ontdekken’. Van der Borch van Verwolde’s bescheiden opstelling, zijn charmante volzinnen en wat sublieme muggenzifterij over boeken en banden, van generlei invloed op de wereldvrede, maken de lectuur van deze niet voor publicatie bedoelde brieven de moeite waard.

En dan de brief van 2 mei 1934, het bewijsstuk in de zaak Tijd vs. Roest. In deze brief schrijft de baron aan Van Royen dat hij zijn exemplaar van Cheops in Parijs uit de perkamenten band heeft gehaald om de vellen te laten ‘wassen’: ‘Het is nu lelie-blank geworden, en de kleuren zijn onaangetast gebleven.’ Helaas wordt de methode van wassen niet nader beschreven, maar als het papier met het toen gangbare middel chloor is behandeld, dan mogen we intussen het ergste vrezen. Afgezien van de verrukkelijke geur van papier die chloor elimineert, is het effect, weet elke papierrestaurator, op de lange termijn funest. De huidige eigenaar van dit exemplaar is gewaarschuwd: een onvermijdelijke boemerang komt, op hoge snelheid, naar u toe.

Deze bespreking van W.H.E. van der Borch van Verwolde, Vijf brieven aan J.F. van Royen (2013) verscheen in De Boekenwereld, jrg. 30, afl. 1 (maart 2014).

7 gedachtes over “Roest

  1. In “Het ideale boek” (2010, pagina 70) werd het wassen van “Cheops” al aangehaald, maar over de papierkeuze deed ik destijds nogal summier. Dat komt binnenkort goed met een artikel over het papier van de eerste Nederlandse private presses in het in juni te verschijnen “Jaarboek voor Nederlandse Boekgeschiedenis”. Leopolds “Cheops” blijkt te zijn gedrukt op handgeschept papier van Joseph Batchelor & Sons met watermerk van boek-kroon-scepter en watermerk ‘C British hand made’ en ‘BS’. Dat werd voor verschillende boeken gebruikt, maar de “Cheops”-partij moet van mindere kwaliteit zijn geweest.

  2. De uitgave met brieven van Van der Borch van Prop heb ik met interesse gelezen. Inderdaad vertoont mijn Cheops-exemplaar ook die enkele roestvlekjes, wat uiteraard jammer is voor wat misschien inderdaad een van de mooiste uitgaven in de Nederlandse boekdrukkunst is. Vreemder is overigens nog dat slechts ene roestige katern in Willem Kloos’ “Verzen uit de jaren 1880-1890” waaraan nogal wat (alle?) exemplaren van die uitgave lijken te lijden (waaronder ook het mijne).

  3. Zie nu inderdaad: Paul van Capelleveen, ‘Waarvan één op Japans. De papierkeuze van de Nederlandse private presses, 1910-1942’, in: Jaarboek voor Nederlandse boekgeschiedenis 21 (2014), p. 156-177.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s