Doorbroken (2)

Het precieze moment (dag, uur) waarop de wereld wist dat Robert Galbraith eigenlijk J.K. Rowling was staat vast. Voor J. van Oudshoorn is de onthulling terug te brengen tot een jaartal. En wanneer werd Vosmeer de Spie voor het lezerspubliek weer gewoon Maurits Wagenvoort? Wanneer lekte uit dat A. Dolfers en Dop Bles dezelfde waren?

Rond de tijd dat Feylbrief uit de kast kwam als prozaïst, deed het auteursportret zijn intrede in de promotie door uitgeverijen. De schrijversfoto kwam in advertenties op de plek van het intrigerende, althans mediagenieke stofomslag te staan. Ook in prospectussen en reclamefolders werd de maker van het literaire werk steeds zichtbaarder.

Belcampo protesteerde in 1939 nog. Louis Th. Lehmann liet in 1966 ook zijn gezicht niet zien. De een wilde zijn pseudoniem bewaken, de ander was zichzelf als dichter en publiek figuur een beetje beu.

Net als Feylbrief had Reijnier Flaes, alias F.C. Terborgh, een goede reden om zijn schrijverij niet aan de grote klok te hangen. Hij was immers ook in diplomatieke dienst. Dus toen Alice von Eugen-van Nahuys, uitgever-directeur van Querido, Terborgh in 1954 voor een reclameboekje om een portretfoto vroeg, gaf de schrijver niet thuis. Pas na lang aandringen stuurde Terborgh zijn uitgever een zwart-witfoto toe. Querido weigerde subiet Terborghs dichtbundel uit te geven.

(Jan Doets heeft de beschikking over het persoonlijk archief van F.C. Terborgh. Hij verwerkte al drieduizend dagen dagboek en citeert eruit in chronologische hoofdstukken op zijn blog – een aanrader.)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s