L.H. Wiener: een bibliografie

‘Niet iedere schrijver heeft een bibliograaf en zo hoort het ook, want alleen de beste schrijvers verdienen er een. De mijne heet Rob Huizinga en als hij geen bibliograaf was geworden dan was hij monnik geweest.’

Gisteren zat bij de post de derde, herziene en uitgebreide druk van Een Bibliografie van L.H. Wiener door R.A. Huizinga. Het citaat komt uit het voorwoord dat Wiener speciaal voor deze derde druk schreef.

Bibliografieën zijn opwindend. Die saaie, gruwelijk consequente lijsten zijn de sleutel tot onvermoede teksten. Titels, afleveringen, jaargangen en jaartallen. Verhalen in literaire tijdschriften blijken voorstudies te zijn van een roman. De wereld van Wiener wordt ontsloten. Een bibliografie is de blauwdruk van het verzameld werk.

Verzamelaars zijn hierbij wakker geschud, alweer. Huizinga is de gelukkige bezitter van de nummers van Janus, de schoolkrant van het Christelijk Lyceum te Haarlem, waar Lodewijk Wiener schoolging. Buiten autopsie bleef, tot zijn spijt, het blaadje Lorentz-scoop uit 1957, waaraan Wiener schijnbaar het gedicht ‘De Geel-Ogige Dood’ afstond. Nummer 1 van de bibliografie is dus ongezien opgenomen, maar misschien heeft iemand nog wat nummers op zolder liggen?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s