Paviljoen van Glas

De vroege ochtend van donderdag 18 april 1929, drie uur ’s ochtends. Toen legde een uitslaande brand het Paleis voor Volksvlijt aan het Amsterdamse Frederiksplein in de as.

In de aardige roman Paviljoen van Glas (1947) laat M. Revis het Paleis voor Volksvlijt uit de as herrijzen – om het precies 200 bladzijden later weer in vlammen te doen opgaan. In de tussengelegen hoofdstukken maakt de lezer kennis met Dr. David d’Espina, een Portugese Jood die Amsterdam wil verfraaien, Mr. Gijsbrecht Johannes Cramp, een advocaat die steeds meer aandelen van de N.V. Paviljoen koopt, Klaverblad en Stomaski, twee bedriegers die een graantje willen meepikken. De hoofdpersoon is natuurlijk het Paviljoen zelf, zoals je dat verwacht in een roman van Revis, een ding dat tot leven wordt gewekt in passages als deze:

‘[…] een stelsel van gietijzeren palen, door glasschotten verbonden en gedekt door ronde kappen als van een spoorwegstation, en daarboven weer palen en verwulfsel van ijzer, rondingen, bogen, koepeltjes, een geheel dat denken doet aan wijzerplaten van uurwerken en roosters van glas, en boven alles uit steekt een grote ronde koepel, een kroon van metaal op kristal, welker hoogste punt zich 57 meter boven de begane grond verheft.’

En deze:

‘Hoog rijzen de wanden op, grijsgroen en blinkend, de zon die tussen de wolken doorbreekt doet vonken uit het glas springen. In de natte mist van October staan de rondingen grijs en roerloos, een wonderbaarlijke rots zonder scherpe vormen, verzonken in een zee van grauw water.’

Revis heeft er geen geheim van gemaakt dat hij zijn documentaire roman gemodelleerd heeft naar de werkelijkheid, de bekende en door velen betreurde geschiedenis van het Paleis voor Volksvlijt. Hetzelfde Paleis neemt een prominente plaats in op de tekening van Hans Verhorst op het stofomslag.

Maar in het boek, net als in het echte leven, loopt het slecht af met de hoofdpersoon:

‘[…] het gehele Paviljoen walmt uit bogen en koepels, en achter het glas is een onheilspellend rood schijnsel. […] Het glas springt overal stuk, dadelijk puilt de rook door de gaten, gevolgd door de spitse opschietende tongen der vlammen. IJzeren kolommen en spanten worden week en buigen door, het gehele karkas van het Paviljoen wordt uit zijn voegen gehaald, er heerst nu een witgloeiende razernij van vuur binnen het gebouw, het grijpt alles aan, tot boven in de koepel toe […]’

De volgende ochtend zien drommen Amsterdammers niet meer dan een heuvel oud ijzer.

Leestip voor Wim T. Schippers en de zijnen: Paviljoen van Glas van M. Revis!

Een gedachte over “Paviljoen van Glas

  1. Nog een leestip in verband met het Paleis voor Volksvlijt: lees de gedichtencylus 'weg /verdwenen' van Gerrit Kouwenaar, uit de bundel Zonder namen (1962), en mijn boek De killer. Over poëzie en poëtica van Gerrit Kouwenaar (1986).

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s