Den zwierigen inzet van elk gedicht

Artistiek Bureau berichtte eerder over de ontmoeting tussen Menno ter Braak en Louis Lehmann. Zij spraken elkaar kort in het Haagse café Riche, na een gemeenschappelijk bezoek aan de Greshoff-tentoonstelling in de Bijenkorf in Den Haag. Adriaan Morriën was er ook.

De ‘Tentoonstelling van de werken van Jan Greshoff’ werd gehouden van 25 februari tot en met 4 maart 1939, en viel niet ontoevallig samen met de Boekenweek. Ed. Hoornik hield bij de opening op 24 februari in de lunchroom een lezing, die later in druk zou verschijnen onder de titel Jan Greshoff. Dichter en moralist. Aan de vele, letterkundige bezoekers werd dit foldertje uitgedeeld.

Foto’s van de tentoonstelling heb ik nooit gezien. Maar uit de lovende woorden van de verslaggever van Het Vaderland (Ter Braak?) blijkt dat elk snippertje Greshoff werd uitgelegd en toegelicht:

‘Dit is ook de eenige verklaring van den durf, waarmee hij zich steeds weer met iets nieuws inlaat: een nieuwe vriendschap, een nieuwe ontdekking of het schrijven van een nieuw boek, proza of gedichten. Men kan dit aflezen uit elk handschrift, dat men op de tentoonstelling aantreft: den zwierigen inzet van elk gedicht – graphologisch bedoelen wij nu – dat aan dit nerveuze, bijzonder mooie en ingewikkelde handschrift een groote bekoring verleent.’

Het Nieuwsblad voor den Boekhandel plaatste op 1 maart 1939 nog een korte recensie, waarbij Mevrouw Van der Heyden een niet nader geïdentificeerde medewerker van de Haagse Bijenkorf is:

‘Mevrouw Van der Heyden heeft niet alleen gezorgd, dat een raam van De Bijenkorf volgens alle regelen van de moderne etaleerkunst voor het boek is ingericht, maar tevens houdt zij in de boekenafdeling een uitvoerige Greshoff tentoonstelling. Van Greshoff valt heel wat ten toon te stellen: niet alleen zijn groot oeuvre, op de meest verschillende manieren uitgegeven, maar ook zijn handschrift, de critieken op zijn boeken, de tallooze portretten (is er wel één auteur die zoo onbevangen voor de liefde voor zijn conterfeitsel uitkomt?), ja zelfs zijn pers- en lidmaatschapskaarten ontbreken niet.’

4 gedachtes over “Den zwierigen inzet van elk gedicht

  1. Wellicht aardig om te weten dat de Bijenkorf Den Haag jaarlijks ter gelegenheid van de Boekenweek een tentoonstelling organiseerde over en van het werk van een gerenommeerd schrijver. Ik weet niet zeker wanneer de Haagse Bijenkorf hiermee begonnen is, maar in ieder geval in 1937 met een tentoonstelling van de werken van Arthur van Schendel, in 1938 Karel van de Woestijne en in 1940 J. Slauerhoff. Bij al deze tentoonstellingen is een klein (geniet) boekje verschenen. In 1941verscheen een dergelijk boekje met de titel "Boeken van de bovenste plank" door J.W.F. Werumeus Buning, aangeboden ter gelegenheid van de Boekenweek 1941 door de Bijenkorf Amsterdam en Den Haag. W.B. mijmert staand op een stoel voor zijn boekenkast, zijn ogen gericht op de bonverste plank, over welke meesterwerken hij met het schaamrood op de kaken de laatste jaren niet heeft herlezen. Zijn bijdrage eindigt met een lijst van titels uit de Nederlandse en wereldliteratuur, die "men ten pronk gesteld vindt in de afdeeling boekhandel op de tweede etage van de Bijenkorf".

  2. Geachte Ambtenaar,Hartelijk dank voor uw bijdrage! Dat boekje over Slauerhoff en die 'Boeken van de bovenste plank' staan nog in de kast van het antiquariaat waar ik werk, maar ik kan er nu niet bij. Misschien merkt u er in de loop van de week nog wat van;-))

  3. Zeer geachte stofjas en directeur,Mag ik zo vrij zijn nog een (iets uitgebreidere) bijdrage aan te leveren? Of die dan hier moet blijven staan of een wat prominentere plek moet krijgen, laat ik graag aan uw beoordeling over. Uw speurtochtjes naar curieuze feitjes en weetjes over de boekenweken in het verleden, heeft mij eveneens aangespoord op zoek te gaan. Ik stuitte op…Willem Kloos en de boekenweekOp 31 maart 2008 is het zeventig jaar geleden dat Willem Kloos in Den Haag stierf. In 1988 haalt R. Spork in Ons Den Haag (3e jaargang, 1988 – afl. 3) herinneringen over deze gebeurtenis op. Spork schrijft in de rubriek Herinnert u zich nog? de volgende bijlage.“ Ik was de groot minnaar zonder ruste,Die ging, hoog-heerlijk, in triomf, door ’t leven,Jeugdig omklemmend, in een storm van leven…”Dit zijn dichtregels van Willem Kloos, geboren te Amsterdam in 1859 en overleden te Den Haag op 31 maart 1938, nu vijftig jaar geleden. “ Willem Kloos De man van ’80 heengegaan” luidt de kop in Het Vaderland van 1 april. Drie dagen later vond de begrafenis plaats op de begraafplaats Nieuw Eik en Duinen, onder – zoals dat heet – grote belangstelling van het publiek. “ Het was half twee, toen de voordeur van de woning (in de Regentesselaan nr. 176) openging om doorgang te verlenen aan de dragers, die enorme bloemkransen en bloemstukken naar buiten droegen, waar zij aan den bloemenwagen werden opgehangen. Daarna werd onder doodsche stilte van den tot een klein duizendtal aangegroeide menigte de kist met het stoffelijk overschot van Willem Kloos naar buiten gedragen en in den rouwwagen geplaatst” , aldus een verslaggever. […]Was de letterkundige wereld aan de ene kant in rouw gedompeld, aan de andere kant maakte zij zich op voor een groot feest. Op de avond van de eerste april vond in de Koninklijke Schouwburg een gala-avond plaats ter gelegenheid van de boekenweek, die van twee tot negen april zou worden gehouden. […]De Haagse boekhandelaren hadden natuurlijk spontaan hun etalages in kunnen ruimen voor de boeken van Willem Kloos, ware het niet dat de ’s-Gravenhaagsche Boekhandelaars-Vereeniging ter gelegenheid van de boekenweek een etalagewedstrijd organiseerde. Uiteraard hadden de meeste boekhandelaren hun etalage al aan de vooravond van de boekenweek ingericht. Van de deelnemers werd verwacht, dat de etalage voldeed aan de volgende criteria: a. verkoopkracht, b. schoonheid, c. originaliteit en d. vakkennis. Bovendien ,moest de slagzin tot uiting komen “Kocht gij reeds een boek?” Stegmans boekhandel in de Stevinstraat te Scheveningen vulde deze aan met “Wij waarderen Uw bezoek!”[…]Het warenhuis de Bijenkorf besteedde zoals gewoonlijk op grootscheepse wijze aandacht aan de boekenweek (alweer de zevende in successie). Op de boekenafdeling van het warenhuis was een tentoonstelling ingericht van de werken van de Vlaamse dichter Karel van de Woestijne (1878-1929). Enkele van zijn pennevruchten waren er in origineel handschrift te bewonderen. De boekenweek werd feestelijk afgesloten op 9 april met een koffiemaaltijd in de boerderij De Hoogwerf aan de Zijde (thans Zijdelaan). Auteurs, boekhandelaren, en publiek waren aan tafel verenigd. Vanzelfsprekend was de dood van Willem Kloos één van de onderwerpen van gesprek. Ook de kranten waren nog lang niet uitgeschreven over de dichter, die thans [in 1988!] voor de meeste mensen tot het rijk der vage schoolherinneringen behoort.”Wordt Kloos nog herdacht dit jaar? Of heeft de CPNB een kans gemist deze dichter nog eens onder de aandacht van het grote publiek te brengen?

  4. Hartelijk danken wij De ambtenaar voor zijn speur- en tikwerk! Die tentoonstellingen in De Bijenkorf waren echte happenings dus.Of Kloos nog wordt opgegraven, vraag ik mij af. Volgens mij hebben de dames en heren critici Couperus weer uit de kast getrokken. Die doet het, Boekenweek of niet, altijd goed.Artistiek Bureau zal Willem K. op gepaste wijze herdenken, 31 maart aanstaande, zijn zeventigste sterfdag. Die perkamenten Verzen moet ook weer eens opgepoetst worden.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s